Erfgoed

Over W.G. van der Hulst

Illustratie van W.G. van der Hulst met lantaarn langs een Hasseltse gracht in de schemering
De schrijver aan de gracht — vrije illustratie

Willem Gerrit van der Hulst (1879–1963) was schoolmeester én schrijver, en dat is aan zijn boeken te merken. Hij schreef zoals hij voorlas: met korte zinnen, veel geduld en een onwankelbaar vertrouwen dat een kind een heel verhaal kan dragen. Tientallen jaren lang waren zijn boeken vast onderdeel van de Nederlandse kinderkamer, vaak voorgelezen in de schemer, met een lamp naast de stoel.

Zijn bekendste reeksen — Jaap Holm en zijn vrienden, Rozemarijntje en Het Zwarte Steentje — spelen in een wereld van kleine dorpen, dijken, molens en waterwegen. Precies dat landschap ligt om Hasselt heen. Wie hier langs de Stenendijk loopt of over de Heerengracht kijkt, hoort zonder moeite hoe zijn verhalen in dit decor passen.

Van der Hulst schreef nooit neerbuigend. Hij nam kinderen serieus in hun angsten, in hun schuldgevoel en in hun heimwee. Daarom werkt zijn werk nog: het verandert niet mee met de mode, omdat het over dingen gaat die niet veranderen. Voor dit festival vertalen vertellers, muzikanten en gidsen die verhalen terug naar de plek waar ze thuishoren: een Hanzestad met stenen die zelf al eeuwen meepraten.

Eén winterse dag lang klinken fragmenten uit zijn boeken in de raadzaal van het Oude Stadhuis, bij de Kalkovens aan het water en aan de eettafels en haarden van de grachtenpanden aan de Baangracht, Prinsengracht en Heerengracht. Geen museum, maar een levende leeskamer van de stad.

“Het was een klein, zwart steentje. Maar wie het vond, vond ook een verhaal dat nooit meer ophield.”

naar Het Zwarte Steentje

1 / 3